gebonden aan perfectie
verdwaalt ze in onechtheid.
Een nacht, een man, een fout,
breekt haar, maakt hem.
In gedachten rent ze terug
vervaagt ze gebeurtenissen
wist ze momenten.
Ze sluit haar ogen,
in het donker is alles goed.
Haar wens naar acceptatie
maakt haar kind.
Ze handelt naar wat er van haar verlangd wordt,
Ze doet wat een ander vraagt,
Ze beweegt zich naar zijn idealen,
Verbergt haar eigen moraal.
Het leven bracht haar ten onder,
bedolven door de stad
Gebroken door de blikken van te blauwe ogen,
gestorven onder haar eigen juk.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten